Hoge Raad: jurisprudentie opvolgend werkgeverschap van voor 1 juli 2015 geldt nog steeds.

dinsdag, 16 oktober 2018 - 09:11 uur

 

Op 1 juli 2015 werd de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) ingevoerd. Vanaf toen geldt die wet gewoon. Bijvoorbeeld als bekeken wordt op welke transitievergoeding iemand recht heeft. Maar bij de toepassing van de wet speelt het oude recht mee. Dit blijkt opnieuw uit het recente arrest van de Hoge Raad van 12 oktober 2018.

De feiten

Werkneemster werkt vanaf 1 februari 2012 voor Tzorg als hulp in de huishouding. Van 15 december 1997 tot 1 juli 2008 en van 1 juli 2008 tot 1 februari 2012 werkte zij voor twee andere organisaties.

Op 10 maart 2014 meldt werkneemster zich ziek. Met ingang van 22 mei 2016 zegt Tzorg de arbeidsovereenkomst met werkneemster op met toestemming van het UWV. Werkneemster krijgt van Tzorg een transitievergoeding mee van € 1.169,68 bruto.

Werkneemster vindt dat te weinig. Zij verzoekt bij de kantonrechter een transitievergoeding van € 6.433 bruto op grond van opvolgend werkgeverschap. Daarmee zegt zij dat zij eigenlijk vanaf 15 december 1997 steeds dezelfde werkgever had. Dat betekent dat de hoogte van de transitievergoeding moet worden berekend vanaf 15 december 1997. Waardoor die uiteraard veel hoger uitvalt dan wanneer men uitgaat van een arbeidsverleden dat begint op 1 februari 2012.

De kantonrechter wijst het verzoek van werkneemster om een hogere transitievergoeding toe. Werkgever gaat in hoger beroep bij het hof Amsterdam. Die laat het vonnis van de kantonrechter in stand. Daarbij baseert het hof zich op artikel 7:673 lid 4 aanhef en onder b Burgerlijk Wetboek (BW). Wat daar staat komt op het volgende neer. Wanneer een werknemer in dienst is geweest van verschillende werkgevers die redelijkerwijs als elkaars opvolgers moeten worden beschouwd, wordt de duur van de verschillende arbeidsovereenkomsten bij die werkgevers bij elkaar opgeteld voor de berekening van de transitievergoeding. Dit ongeacht de vraag of de opvolgende werkgever kon beoordelen of de werknemer geschikt was voor zijn functie.

Oordeel Hoge Raad

Werkgever is het niet eens met het oordeel van het hof en gaat naar de Hoge Raad. Daar stelt werkgever dat artikel 7:673 lid 4 BW niet van toepassing is. Artikel 7:673 lid 4 BW is namelijk onderdeel van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ). Die geldt pas vanaf 1 juli 2015 en heeft geen terugwerkende kracht.

De Hoge Raad stelt werkgever in het gelijk. Bij werkgeverswisselingen die voor 1 juli 2015 plaatsvonden geldt het oude recht. Werkgeverswisselingen in het kader van de transitievergoeding moeten worden beoordeeld aan de hand van de maatstaf voor het aannemen van opvolgend werkgeverschap in de zin van het oude artikel 7:668a lid 2 BW. Het oude artikel 7:668 lid 2 BW  regelde wanneer een tijdelijke arbeidsovereenkomst een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd werd. Het tweede lid daarvan bepaalde wanneer werkgevers als elkaars opvolger moesten worden beschouwd. De Hoge Raad ontwikkelde daarbij de volgende criteria. Enerzijds moet de nieuwe arbeidsovereenkomst wezenlijk dezelfde vaardigheden en verantwoordelijkheden eisen als de vorige. Anderzijds moeten tussen de nieuwe werkgever en de vorige zodanig nauwe banden bestaan, dat de nieuwe werkgever redelijkerwijze geacht kan worden voldoende inzicht te hebben in de geschiktheid van de werknemer voor de functie. Hierbij verwijst de Hoge Raad naar de uitspraak van 17 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2905.

De Hoge Raad vernietigt de uitspraak van het hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het hof  ’s-Gravenhage om die opnieuw te beoordelen.

Wat betekent dit arrest?

Dit arrest maakt de rechtspositie van de werkgever, in dit geval Tzorg, sterker. Want onder de WWZ is niet relevant of de opvolgende werkgever wel of niet inzicht had in de geschiktheid van de werknemer voor de functie. Maar onder het oude recht is dat juist wel een vereiste. Als Tzorg kan aantonen dat het geen inzicht had in de geschiktheid van werkneemster voor haar functie, betekent dit dat geen sprake is van opvolgend werkgeverschap. En dat betekent, dat de transitievergoeding niet berekend wordt vanaf 1997 maar vanaf 2012. Dat scheelt voor Tzorg veel geld.

Slot

Heeft u vragen over de transitievergoeding? Neem dan contact op en bel naar 0180-44 43 03 of 06 – 338 24 563. Of stuur een e-mail naar info@groenenboomadvocaat.nl. Wij helpen u graag!

 

Het arrest van 12 oktober vindt u hier

 

Auteur: mr. drs. Harry Groenenboom

Geplaatst in: Transitievergoeding
Tags: , , , , ,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *